VBZ: Hoe een simpele vraag ontzettend ingewikkeld kan zijn: ‘Hoeveel broers en zussen heb je?’

Daar sta ik dan in de bedrijfskantine met een kartonnen bekertje vol vers gezette koffie in mijn hand. Als ik het al koffie mag noemen. Iedereen die voorbijloopt ziet waarschijnlijk twee collega’s die gezellig met elkaar staan te praten.
Ze zien niet de strijd die ik op dat moment in mijn hoofd voer. Ik kijk mijn collega schaapachtig aan en weet oprecht niet wat voor antwoord ik op haar ogenschijnlijk simpele vraag moet geven. De vraag die ze me, onbewust, twee weken na de dood van mijn broer stelt: ‘’Hoeveel broers en zussen heb je?’’

Het is eind augustus 2021 en het is één van mijn eerste dagen terug op werk na mijn vakantie. Ik heb maar weinig collega’s verteld wat er tijdens mijn afwezigheid is gebeurd, omdat ik bang ben dat ik de blikken en vragen niet aankan. Een groot deel denkt daarom dat ik lekker ben weggeweest en heeft niet door dat ik kort daarvoor mijn broer ben verloren.

Aangereden
42 was hij en zijn dood was compleet onverwacht. Een aantal jaar ervoor had hij een ongeval gehad. Een automobilist zag hem door de zon over het hoofd en reed tegen zijn fiets aan. Daar op een rotonde in zijn Friese woonplaats kwam mijn broer niet eens heel hard ten val, maar hij kwam volledig verkeerd op zijn hoofd terecht.

Terwijl ik op die zonnige dag tulpen stond te plukken op een boerenerf, werd hij tientallen kilometers verderop met spoed per ambulance naar Groningen gebracht. Ik pakte zorgeloos mijn telefoon om een foto van de tulpen te maken en zag twee gemiste oproepen van mijn vader. Mijn gevoel zei mij gelijk dat er iets aan de hand was.

Ik belde mijn vader terug en kreeg te horen dat mijn broer een ernstig ongeluk had gehad en dat ik per direct naar mijn ouders moest komen. Bijna 20 jaar ervoor was ik al eens een broer verloren door een vliegtuigongeval en ik hoor aan mijn vaders stem de angst die hij heeft. Het zal ons toch niet nog eens overkomen?

Met spoed naar het ziekenhuis
We verzamelen ons allemaal bij mijn ouders en rijden dan met grote snelheid naar het ziekenhuis. We hebben op dat moment werkelijk geen idee of hij nog leeft. De adrenaline pompt door mijn lijf en het voelt in alle onzekerheid alsof elke minuut telt. Eenmaal daar vertellen artsen ons in een kille ziekenhuiskamer met suffe schilderijtjes dat R. op de intensive care ligt en vecht voor zijn leven (omdat hij erg van zijn privacy hield, noem ik hem niet bij naam).

Om de beurt lopen we naar hem toe en schrikken ons rot van het beeld dat we aantreffen. Nooit meer zal ik de alcoholgeur van de handenontsmetter vergeten en het indringende geluid van alle piepjes. R. ligt in coma en blijft dat nog een aantal maanden.

Tegen de verwachtingen in, vecht hij zich een weg terug naar ons. Hij is niet meer dezelfde en heeft hersenschade en last van zware epileptische aanvallen. Maar hij is er nog. We nemen afscheid van de vroegere, gezonde R., en omarmen de nieuwe R. Het is het eerste rouwproces.

Het tweede rouwproces volgt jaren later in augustus 2021. R. zijn lichaam hield er mee op. Het kon het niet meer opbrengen. Geheel onverwacht overlijdt hij thuis, waar hij later die dag wordt gevonden.

Weer op werk
Waar collega’s misschien gezellig op het terras zaten die zomer, nam ik afscheid van mijn broer. Hoewel ik het gevoelsmatig niet echt afscheid kan noemen. Want afscheid nemen voelt als iets wederzijds. Dat je bewust gedag tegen iemand zegt. Nu kon dat niet meer en is R. zonder seintje uit ons leven gerukt.

Twee weken later als ik weer terugkom op werk, weten een paar collega’s wat er met mij is gebeurd. Ik wil het niet breed bekendmaken omdat ik het simpelweg nog niet aankan om erover te praten. Het gevolg? Die onschuldige, ogenschijnlijk simpele vraag die zomaar uit het niets op mij wordt afgevuurd. ‘’Hoeveel broers en zussen heb je eigenlijk?’’

Mond vol tanden
Ik weet niet hoe ik haar moet antwoorden. Noem ik uit gemak het aantal broers en zussen dat is overgebleven? Noem ik zonder uitleg het totale aantal, inclusief de twee broers die ik ben verloren? Of kies ik ervoor om een antwoord te geven waarvan ik weet dat het voor ons beide ongemakkelijk kan zijn?

Het antwoord waarbij ik moet vertellen wat er is gebeurd en niet kan garanderen dat ik dat kan zonder in huilen uit te barsten? En ook het antwoord waarvan ik weet dat mensen schrikken en soms ineens niet meer weten wat ze moeten zeggen.

Ik laat alle argumenten in mijn hoofd voorbijschieten en het voelt alsof ik aan de grond genageld sta. Dan herpak ik mijzelf en noem het totale aantal broers en zussen dat ik heb, inclusief mijn twee broers die er niet meer zijn. Meer uitleg geef ik niet. Ik voel me schuldig en loop terug naar mijn werkplek, met het bekertje koffie nog in mijn hand. Wie weet heb ik een volgende keer meer moed, maar anders is het ook goed. Wat een vreselijke vraag.

  • Dit verhaal is geschreven door Hanna. Lotgenoot en journalist –

Oproep: Voor deze rubriek ‘Lotgenoten’ zijn wij op zoek naar andere broers en zussen die een broer of zus zijn verloren. Wil jij ook jouw verhaal vertellen? Mail dan kort wie je bent en wie je moet missen, naar: verbondenbroersenzussen@oudersoverledenkind.nl.

Nieuwe berichten,
podcasts of activiteiten

Blijf als eerste op de hoogte van nieuwe podcasts, activiteiten of nieuwsberichten en meld je aan voor onze digitale nieuwsbrief. De ‘OOK Erbij’ verschijnt maandelijks.

Oeps! We konden je formulier niet vinden.

Oeps! We konden je formulier niet vinden.

© 2026 OOK

Website door Webton