OOK recensie: Kolibrie

Halverwege de roman ‘De kolibrie die over het leven van de Romeinse oogarts Marco Carrera gaat, staat een zin die bijna zeven pagina’s lang doorloopt en die voor mij het hart van het boek vormt.
Ik citeer: “… dat telefoontje dat alle ouders vrezen en maar enkele ouders krijgen, enkele ongelukkigen, voorbestemden, getekenden, voor wie in een heleboel talen niet eens een woord bestaat, maar het bestaat bijvoorbeeld wel in het Hebreeuws, sjikoel, wat afstamt van het werkwoord shakal, wat betekent ‘een kind verliezen’, het bestaat in het Arabisch, thaakil, met dezelfde stam, en in het Sanskriet, vilomah, letterlijk ‘tegennatuurlijk’, (…) ze was een maand eerder twee geworden, en door gewoon wakker te worden en naar hem te lachen zei ze opa, waag het niet, ze zei geen sprake van, ze zei opa, ik ben er, je moet door.”

Als kind werd Carrera vanwege zijn afwijkende lengte ‘kolibrie’ genoemd. Later komt de titel terug als synoniem voor iemand die actief stilstaat, die zijn energie gebruikt om niet vooruit te komen en niet achteruit te gaan, alleen om overeind te blijven terwijl de stormen des levens aan hem voorbijrazen. Carrera’s leven is een opstapeling van ellende: de zelfmoordpoging en de suïcide van zijn zus, het ongelukkige huwelijk van zijn ouders, de vervreemding van zijn broer, de levenslange platonische verhouding met zijn jeugdliefde, de psychische problemen van zijn dochter, de pijnlijke scheiding van zijn psychiatrisch zieke echtgenote, de behandeling van de tumor van zijn vader (in het format van de 14 kruiswegstaties gegoten), zijn actieve euthanasie op zijn vader, en, het dieptepunt, de dood van zijn dochter tijdens een bergbeklimming, twee jaar na de geboorte van zijn vaderloze kleindochter.

Het verhaal wordt niet chronologisch verteld. Dat is misschien maar goed ook, anders zou het geheel waarschijnlijk onverteerbaar worden. Het is een aaneenschakeling van perspectiefwisselingen, naast gewone beschrijvingen zijn het e-mails aan zijn onbereikbare broer en brieven aan zijn even onbereikbare platonische geliefde, boedelbeschrijvingen, verslagen van telefoongesprekken en whatsapp correspondentie. De hoofdstukken zijn wel gedateerd, dat helpt. Het duurt wel even voor je de samenhang begint te zien, daarna leg je het boek niet meer weg.

Op een bepaalde manier is de hoeveelheid tekst die Veronesi per sterfgeval gebruikt, in evenwicht met de behapbaarheid van de gebeurtenis. Naast het bericht van het ongeluk van zijn dochter, waarvoor hij zeven pagina’s inruimt, wordt de suïcide van zijn zus heel terloops omschreven, nadat haar eerdere zelfmoordpoging wel uitgebreid is verhaald. Het boek eindigt met Carrera’s eigen euthanasie in 2030, georkestreerd door zijn inmiddels twintigjarige kleindochter, “voordat de gruwel begint”. Het is een bijna klinisch verslag, met een flinke portie van het einde van ‘Liefde in tijden van cholera’ van Gabriel García Márquez erdoorheen.

Veronesi in Het Parool
In een interview in Het Parool zegt Veronesi: “Ik heb lang onderschat hoeveel leed en verdriet ik door de jaren heen binnenin me heb gedragen. Ik dacht altijd: iedereen heeft pijn. Dat vlamt op en dooft weer uit. Als een aansteker die je bij je draagt en vergeet zodra je die hebt gebruikt. Maar ik heb onderschat hoeveel verdriet ik binnenin me droeg, verdriet van decennia en decennia. Ik had me niet gerealiseerd hoeveel zich in mij had opgehoopt. En ik moest me daarvan bevrijden. Ik schrijf niet over dingen die gebeurd zijn, maar er kwam iets uit me dat verteld móest worden.”

Een bijzonder boek.

Op 3 juli 2020 werd bekendgemaakt dat De kolibrie van Sandro Veronesi de Premio Strega 2020 heeft gewonnen, de belangrijkste literaire prijs van Italië. Veronesi won de prijs al eerder in 2006 met Kalme chaos en is zodoende de tweede schrijver die de prijs – die sinds 1947 wordt uitgereikt – tweemaal heeft gewonnen, na Paolo Volponi.

Sandro Veronesi – De kolibrie
Uitgeverij Prometheus, 2020

Meer blogs

4 september 2016

Een gat in de tijd

Karlijn van Arkel verloor haar 4-jarige zoontje Teun aan de gevolgen van leukemie. Hij overleed 4 maanden na het ontdekken van de ziekte. “Wat ik moeilijk vind is dat ik nooit de man zal leren kennen die Teun zou zijn geworden.”

Lees meer

21 februari 2017

Roek Lips – het boek Job

Roek Lips beschrijft persoonlijk de rouw, zijn zoektocht om overeind te blijven en “woorden te geven aan iets waar geen woorden voor zijn” nadat zoon Job vermist raakt.

Lees meer